Islam volgens de Koran

disclaimer: de lezer wordt geadviseerd om zelf te controleren wat op deze website staat door de Koran te bestuderen


Het geven van bijdragen – zakaat, sadaqa, nafaqa

categorie: bewezen volgens de Koran

 

Het geven van bijdragen aan mensen die steun nodig hebben wordt zeer vaak genoemd in de Koran.

Herverdeling van welvaart via het zakaat-systeem is een centraal element van het geloof.

Geloven betekent dat men God gedenkt en respecteert, daarbij hoort ook de zorg voor het welbevinden van de medemens.

Het zakaat-systeem gaat uit van een centrale organisatie die mensen in dienst heeft om de bijdragen op te halen en te verdelen, volgens vers 9:60.

Volgens de Koran zijn er twee manieren om welvaart te delen, via de private en via de collectieve sector.

De overheid speelt een centrale rol bij de welvaartsverdeling, het wederzijdse overleg speelt hierbij een grote rol, afhankelijk van de grootte en complexiteit van de samenleving kan dit een vorm van directe of indirecte democratie zijn, binnen de kaders van de Koran – vers 42:38 en 3:159. Uiteindelijke besluiten moeten gerespecteerd worden.

4:59       Jullie die geloven, gehoorzaamt God en gehoorzaamt de boodschapper en de gezagsdragers uit jullie midden …

Het is duidelijk dat een islamitische samenleving een vorm van overheid heeft, die gezag heeft over de leden van de samenleving.

De hoeveelheid die men geeft is uiteindelijk aan het oordeel van de gelovigen overgelaten, een goede daad op basis van vrijwilligheid is anders dan een afgedwongen daad.

Het woord zakkaa betekent rechtvaardigen, volgens de Koran is het reinigen van het ego en het kunnen rechtvaardigen van de daden van groot belang. Dat doet men door de verbinding met de islam (salaat) en het daarmee kunnen rechtvaardigen (zakkaa) van de daden. Het geven van bijdragen is een manier waarop men het verwerven van het eigen bezit kan rechtvaardigen. Een deel van de inkomsten mag men zelf houden en een deel moet men reserveren voor de bijdragen aan de naasten en de samenleving, volgens de voorschriften van de Koran.

91:7-9    Bij een ziel en Wie haar heeft gevormd en die haar toen haar zondigheid en haar Godvrezendheid heeft getoond, wel gaat het wie haar rechtvaardigt (zakkaa).

Het geven van bijdragen wordt in de Koran nafaqa en sadaqa genoemd. Ook worden de begrippen haqqoen en haqqoen maloem gebruikt, de laatste drie begrippen benadrukken meer het juridische aspect, het is een verplichting om een redelijk deel van het inkomen af te staan.

Uit vers 8:41, 9:103 en 9:60 blijkt dat het geven van sadaqa verplicht is en dus als een soort belasting gezien kan worden, die via de overheid geregeld wordt. Er zijn ook andere vormen van sadaqa die langs de private weg gegeven worden, bijvoorbeeld het doen van een private schenking aan de armen – vers 2:271.


3:92       Jullie zullen de vroomheid niet bereiken, totdat jullie van wat jullie liefhebben bijdragen geven (nafaqa) en wat jullie ook aan bijdragen geven (nafaqa), God weet ervan.

92:18     En zijn bezit gegeven heeft om zich te rechtvaardigen (zakkaa).

8:41       En weet dat wanneer jullie gewin hebben van iets, dat dan aan God een vijfde deel behoort, dat is aan de profeet, de verwanten, de wezen, de behoeftigen, en de gestrande reiziger …

9:103     Neem van hun bezittingen een bijdrage (sadaqa) waarmee jij hen zult reinigen (tahhir) en rechtvaardigen (zakkaa) ...

9:60       De bijdragen (sadaqa) … een verplichting van God …

51:19     En een rechtmatig aandeel (haqqoen) in hun bezittingen was voor de bedelaar en de onbemiddelde.

70:24     En van wie er een gekend rechtmatig aandeel (haqqoen maloem) in hun bezittingen is.


Meerdere verzen in de Koran noemen en regelen de bijdragen.

 

  • wie geven

2:267     Jullie die geloven, geef (nafaqa) van de goede dingen die jullie verworven hebben en ook van wat Wij voor jullie uit de aarde hebben voortgebracht …

2:219     … zij vragen jou ook wat zij als bijdragen (nafaqa) zullen geven. Zeg: wat over is ...  

De gelovigen die meer ontvangen of geoogst hebben dan dat zij nodig hebben, zijn de mensen die verplicht zijn tot het geven van bijdragen.

9:60       De bijdragen (sadaqa) … een verplichting van God …

70:24-25 En van wie er een rechtmatig aandeel in hun bezittingen is voor de bedelaar en de onbemiddelde.                       

 

  • bestemming

2:215     … laat de bijdragen (nafaqa) zijn voor de ouders, de verwanten, de wezen, de behoeftigen en voor degene die onderweg is ...

9:60       De bijdragen (sadaqa) zijn voor de armen en de behoeftigen, voor hen die ermee belast zijn, voor hen waarvan de harten geneigd gemaakt zijn, voor de vrijkoop van slaven en schuldenaren, voor de inzet op de weg van God en voor degene die onderweg is. Een verplichting van God …

2:271     Als jullie openlijk bijdragen geven (sadaqa) dan is dat mooi, maar als jullie dat in het verborgene doen en ze aan de armen geven dan is dat beter en het verzoent iets van de slechte daden …


De bijdragen kunnen dus zijn voor:

1      de ouders die hulp nodig hebben - nafaqa

2      de familieleden die hulp nodig hebben - nafaqa

3      de wezen die hulp nodig hebben - nafaqa

4      de behoeftigen, degenen die incidentele hulp nodig hebben - nafaqa en sadaqa

5      de reizigers die hulp nodig hebben - nafaqa en sadaqa

6      de armen - sadaqa

7      degenen die de bijdragen ophalen - sadaqa

8      de mensen die zich willen bekeren en daarbij materieel gesteund moeten worden om de overstap te kunnen maken naar de islam. Sommigen willen migreren naar een islamitische staat, sommigen worden geboycot door niet-moslims. - sadaqa

9      de inzet op de weg van God, de financiering van de islamitische samenleving als geheel.- sadaqa

10     de vrijkoop van slaven - sadaqa

11     schuldenaren die in financiële nood zitten - sadaqa


Uit beide verzen blijkt dat er twee geldstromen zijn:

A: private hulp: aan ouders, familieleden, weeskinderen, mensen die incidenteel hulp nodig hebben en reizigers die hulpbehoevend zijn - nafaqa, de private hulp aan de armen wordt ook sadaqa genoemd –vers 2:271.

B: hulp via de overheid: dit wordt allemaal sadaqa genoemd, de middelen hiervoor worden met behulp van ambtenaren verzameld en doorgeven aan diverse groepen die ondersteuning nodig hebben en uitgegeven voor de islam in het algemeen: de weg van God. Daarmee wordt in dit verband de islamitische samenleving in brede zin bedoeld: infrastructuur, gezondheidszorg, onderwijs, defensie, enzovoort.

Vers 4:4 noemt ook het woord sadaqa, als rechtmatige overdracht aan de aanstaande vrouw, dit is een andere vorm van sadaqa, anders dan een gift zonder direct eigenbelang.

4:4        Geef de vrouwen haar bruidsgiften als een rechtmatige overdracht (sadaqa) ...



  • beste manier

2:271     Als jullie openlijk bijdragen geven (sadaqa) dan is dat mooi, maar als jullie dat in het verborgene doen en ze aan de armen geven dan is dat beter en het verzoent iets van de slechte daden …

2:264     … maak jullie bijdragen (sadaqa) niet waardeloos door gepoch en ergernis … 

76:9       Wij geven jullie voedsel terwille van God. Wij wensen van jullie geen loon of dank.

Dus de beste bijdrage is die discreet aan de armen gegeven wordt. Verder mogen de bijdragen niet vergezeld gaan van arrogantie, ergernis of aanspraken op dankbaarheid. Het geven van bijdragen moet in een positieve belangenloze sfeer gebeuren.



  • hoeveelheid

8:41       En weet dat wanneer jullie gewin hebben van iets, dat dan aan God een vijfde deel behoort, dat is aan de profeet, de verwanten, de wezen, de behoeftigen, en de gestrande reiziger …

Dit vers geeft een standaard aan voor het geven van de bijdragen. Indien men ergens een inkomen uit krijgt dan is het verplicht voor degenen die het kunnen, om daarvan één vijfde deel af te staan – 20%.

In traditionele vertalingen staat het woord buit vermeld – het Arabische woord ghanim betekent naast buit ook winst, profijt. In dit vers staan gewin van iets, dus van iedere zaak waarvan mijn profijt behaalt moet men 20% weggeven als bijdrage. Volgens vers 8:1 behoort de buit – Arabisch anfaal in zijn geheel aan God en de boodschapper, dat bewijst dat het begrip ghanim in vers 8:41 een andere betekenis heeft dan de buit en dat het dus profijt betreft, winst in het algemeen.

De vraag is, in hoeverre deze regel nog geldig is in een samenleving waarin de welvaart via het reguliere belastingsysteem wordt herverdeeld – met percentages van boven de 20%. Er vindt in feite al een maatschappelijke inkomensoverdracht plaats, zoals die in vers 8:41 beschreven is – het betreft hier namelijk ook een algemene belasting die aan diverse goede doelen besteed dient te worden.

Naast het betalen van deze standaard-belasting wordt het de gelovigen opgedragen om:

  1. te vermijden om het verkrijgen van geld en bezit in het leven te belangrijk te maken
  2. het geld niet te verkwisten aan nutteloze zaken
  3. dat wat men te veel heeft, als bijdragen weg te geven aan de diverse goede doelen

104:1-3   Wee elke lasteraar en roddelaar die bezit bijeenbrengt en het telkens telt en daarbij denkt dat zijn bezit hem onsterfelijk maakt.

17:26-27  … en wees niet verspillend. De verspillers zijn broeders van de satans en de satan is jegens zijn Heer ondankbaar.

2:219       … zij vragen jou ook wat zij als bijdragen (nafaqa) zullen geven. Zeg: dat wat men te veel heeft …           

Verder moet men bij het geven van de bijdragen een goede verdeling maken tussen de verschillende doelgroepen van de bijdragen. Men moet bijvoorbeeld kiezen hoeveel men via private weg geeft en hoeveel via de overheid, via de ophalers van de bijdragen. Vers 17:29 kan hier betrekking op hebben.

17:29       Houd je hand niet aan de hals gebonden en strek haar ook niet helemaal uit, want dan zul je met verwijten overladen beschaamd neerzitten.

Het traditionele percentage van 2,5 procent, wordt in de Koran niet genoemd.


  • tijdstip van het geven

6:141     … en geef ervan wat verplicht is op de dag van de oogst …                       

Het geven van de bijdragen moet gebeuren op de dag van de oogst. Dit betreft dus de landbouw. Het kan een kwestie van gemeenschappelijk overleg zijn wanneer men in het geval van een samenleving met overwegend maandinkomens, de bijdragen moet geven. Er vindt een veel gelijkmatigere geldstroom plaats naar de diverse doelgroepen, als de bijdragen door de gelovigen bijvoorbeeld per maand worden gegeven in plaats van één keer per jaar.

 

               ---------------------------------------------------------------------


Voorbeelden van door mensen toegevoegde regels die niet in overeenstemming met de Koran zijn - bidaa



  • het vaststellen van de hoeveelheid van de bijdrage op 2,5 procent

8:41       En weet dat wanneer jullie gewin hebben van iets, dat dan aan God een vijfde deel behoort, dat is aan de profeet, de verwanten, de wezen, de behoeftigen, en de gestrande reiziger …

De minimale hoeveelheid bijdragen staat in vers 8:41 vermeld en is dus 8 maal hoger dan de traditionele 2,5 procent.

Of men bijdragen geeft of ontvangt en in welk geval men meer moet geven dan in vers 8:41 staat beschreven kan een onderwerp van het wederzijdse overleg zijn - de sjoera, vers 42:38.

2:219       … zij vragen jou ook wat zij als bijdragen (nafaqa) zullen geven.  Zeg: dat wat men te veel heeft …    



  • het geven van bijdragen één keer per jaar

6:141      … en geef ervan wat verplicht is op de dag van de oogst …                       


Bij de landbouw moet men de bijdragen geven op de dag van de oogst. In overige gevallen kan de samenleving via de sjoera, vers 42:38 vaststellen wanneer het beste gegeven kan worden.

Er vindt een veel gelijkmatigere geldstroom plaats naar de diverse doelgroepen als de bijdragen door de gelovigen bijvoorbeeld per maand worden gegeven in plaats van één keer per jaar.



  • het erkennen van verschillende soorten bijdragen

De traditie van het geven naast de gewone -zakaat- van een speciale bijdrage aan het eind van de vastenmaand is nergens in de Koran vermeld, maar is natuurlijk niet verboden.

In de Koran heeft het geven van bijdragen verschillende namen: sadaqa - 9:103, nafaqa - 2:219, haq - 6:141, haqqoen maloem - 70:24.

8:41       En weet dat wanneer jullie gewin hebben van iets, dat dan aan God een vijfde deel behoort, dat is aan de profeet, de verwanten, de wezen, de behoeftigen, en de gestrande reiziger …

Er is sprake van twee manieren waarop de welvaart gedeeld wordt: via de private weg en via de overheid. Het hangt van de doelgroep af van welke manier gebruik gemaakt wordt, de private of de publieke.

Degenen die een overmatige rijkdom hebben worden aangespoord om het overbodige als bijdragen weg te geven. Dus er is een algemene standaard-bijdrage van 20% voor degenen die daartoe in staat zijn. Voor degenen die een grotere welvaart hebben geldt bovendien de regel van de extra bijdragen.

2:219       … zij vragen jou ook wat zij als bijdragen (nafaqa) zullen geven.  Zeg: dat wat overbodig is …           



  • alleen moslims ontvangen zakaat

In de Koran staat duidelijk uitgelegd wie degenen zijn die bijdragen ontvangen, hierbij is geen verschil gemaakt tussen moslims en niet-moslims. Er staat bijvoorbeeld bij de vermelding van de armen en behoeftigen niet dat zij gelovig moeten zijn.

 

  • de speciale belastingheffing voor joden en christenen

Er bestaat een foute interpretatie van vers 9:29, waardoor velen ervan uitgaan dat andersgelovigen zoals bijvoorbeeld joden en christenen verplicht zouden zijn om belasting te betalen aan de islamitische staat. Het gaat in het vers niet om een belasting maar om herstelbetalingen na een oorlog. Een speciale belasting voor andersgelovigen zou sommigen dwingen om moslim te worden, dat gaat in tegen een hoofdregel van de Koran: er is geen dwang in het geloof, vers 2:256.

9:29    Strijdt tegen hen (uit zelfverdediging) die niet in God geloven ... uit het midden van hen die het Boek gegeven is, totdat zij de jizya - herstelbetalingen doen.

Aan het bijdragen-systeem (zakaat), kunnen ook andersgelovigen bijdragen, net zoals zij er van gebruik kunnen maken in geval van nood.